Onderzoek UCL/VIB toont aan dat antimicoticum Staphylococcus aureus bestrijdt

3 november 2016
​Onderzoekers van VIB, KU Leuven en de Université Catholique de Louvain onthullen een innoverende strategie voor de strijd tegen bacteriële biofilms. De teams van prof. Françoise Van Bambeke van het Louvain Drug Research Institute van de UCL en van prof. Patrick Van Dijck van VIB en de KU Leuven banen een nieuwe weg voor de behandeling van ernstige infecties bij ziekenhuispatiënten. De resultaten van de studie zijn gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Nature Communications.

Patrick Van Dijck (VIB-KU Leuven): “Infecties zoals die van de ziekenhuisbacterie zijn nog steeds een groot probleem in onze ziekenhuizen. Wij hebben kunnen aantonen dat als we bacteriën verhinderen een beschermende laag te maken als ze in ons lichaam in een gemeenschap groeien, dit leidt tot een veel betere werking van bestaande antibiotica. We hebben dit aangetoond met een antischimmelproduct, maar in de toekomst willen we de vorming van die beschermlaag blokkeren met nieuwe moleculen, die dan in combinatietherapie kunnen gebruikt worden met de bestaande antibiotica.»

In deze studie tonen de wetenschappers aan hoe een geneesmiddel dat vandaag tegen schimmelinfecties wordt gebruikt (caspofungine) een klasse van antibiotica (fluorquinolonen) zeer effectief maakt tegen biofilms met Staphylococcus aureus. Staphylococcus aureus is een van de meest gevreesde bacteriën in de ziekenhuisomgeving. Ze veroorzaakt immers hardnekkige infecties door biofilms te vormen op medische apparaten (katheters, prothesen) en op weefsels. Biofilms zijn gemeenschappen van bacteriën die zich met een kleverige beschermende matrix omgeven die ze bestand maakt tegen de werking van antibiotica en van het immuunsysteem. Biofilms zijn dus zeer moeilijk te elimineren. Aangezien ze vaak levende bacteriën vrijgeven, zijn ze er vermoedelijk verantwoordelijk voor dat veel infecties met Staphylococcus aureus blijven terugkomen.

De wetenschappers van VIB, KU Leuven de UCL hebben onderzoek gedaan naar innoverende behandelingen die de matrix van de biofilms kunnen vernietigen om de antibiotica weer actief te maken. Ze hebben dat effect aangetoond voor caspofungine, een antimycoticum dat vandaag in de kliniek wordt gebruikt voor de behandeling van ernstige infecties met schimmels als Candida of Aspergillus. Hoewel caspofungine volledig onwerkzaam is tegen Staphylococcus aureus in een kweekbodem (de zogeheten 'planktonische vorm'), verbetert het de anti-biofilmwerking van bepaalde antibiotica, zoals fluorquinolonen, in aanzienlijke mate. De werkingssynergie van de twee middelen is in vitro en in vivo aangetoond bij op katheters gevormde en bij muizen geïmplanteerde biofilms.

Deze bemoedigende resultaten bieden nieuwe mogelijkheden in de strijd tegen ernstige infecties bij ziekenhuispatiënten, in het bijzonder patiënten met een katheter (bijvoorbeeld voor de toediening van medicatie langs intraveneuze weg) of een geïmplanteerd medisch apparaat (prothese, pacemaker enz.). Ze hebben de identificatie mogelijk gemaakt van een nieuw therapeutisch doelwit en een eerste effectief geneesmiddel dat het voorwerp van een klinische evaluatie zou kunnen vormen. Het toekomstige onderzoek van de laboratoria die de ontdekking hebben gedaan, zal gericht zijn op de identificatie van moleculen die het enzym van de bacteriën beter herkennen dan dat van de schimmels, om de specificiteit van de voorgestelde behandelingen verder te verbeteren.

Het werk werd uitgevoerd met de financiële steun van Innoviris (programma Prospective Research for Brussels), de door het federale wetenschapsbeleid geïnitieerde Interuniversitaire Attractiepolen en het FNRS. De resultaten zijn gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Nature Communications.

______________________________________________________________________________________

Publicatie
The antifungal caspofungin increases fluoroquinolone activity against Staphyloccocus aureus biofilms by inhibiting N-acetylglucosamine transferase, Nature Communications 2016
Doi: 10.1038/NCOMMS13286

Vragen
Een doorbraak in onderzoek betekent niet hetzelfde als een doorbraak in de geneeskunde. De verwezenlijkingen van VIB-onderzoekers kunnen de basis vormen voor nieuwe therapieën, maar het ontwikkelingstraject neemt nog jaren in beslag. Dit kan veel vragen oproepen. Daarom vragen we u om in uw reportage of artikel te verwijzen naar het e-mailadres dat VIB hiervoor ter beschikking stelt. Iedereen kan er met vragen omtrent dit en ander medisch gericht onderzoek terecht: patienteninfo*Replace*With*At*Sign*vib.be.

Onderzoek


Patrick Van Dijck
©VIB-Ine Dehandschutter