Belangrijke economische gevolgen van het moratorium tegen genetisch gewijzigde gewassen

23 december 2003
Een studie binnen het maatschappelijk onderzoeksprogramma van VIB, het Vlaams Instituut voor Biotechnologie, toont aan dat Europa honderden miljoenen euro’s misgelopen is door de ban van genetisch gewijzigde of transgene gewassen (GGGs).  Hiervoor baseren de onderzoekers, Matty Demont en Prof. Eric Tollens, zich op twee gevalstudies.  Uit hun onderzoek concluderen ze dat de huidige situatie waarin transgene suikerbieten geweerd worden, niet economisch rationeel is.  Hun studie van de bestaande teelt van transgene maïs in Spanje, toont aan dat dit een duidelijke winst oplevert voor de Spaanse boeren.

De brochure ‘Genetisch gewijzigde gewassen: economische impact op EU- en wereldschaal’ vat de resultaten samen.  U kan deze brochure downloaden van de website.

Landbouwinnovaties zijn niet los te koppelen van de institutionele, socio-economische en politieke scène.  Dit is ook zo voor genetisch gewijzigde gewassen, die sinds 1996 commercieel geteeld worden. In 2002 groeiden deze gewassen op bijna 60 miljoen hectare (ongeveer de oppervlakte van Frankrijk), voornamelijk in de VS, Canada, Argentinië, China en Zuid-Afrika.  In de Europese Unie stond enkel op beperkte schaal (25 000 ha) in Spanje genetisch gewijzigde maïs.  Matty Demont en Eric Tollens, onderzoekers aan de K.U.Leuven, onderzochten welke economische voor- en/of nadelen Europa en andere landen misgelopen zijn door het de facto moratorium tegen GGGs.

Om de gevolgen van de ban van transgene suikerbieten in de periode van 1996 tot 2000 te berekenen, gebruikten de onderzoekers een simulatiemodel.  Dit model brengt verschillende factoren in rekening; zoals het landbouwbeleid, de teeltgegevens van suikerbiet en de technologiepremie voor transgene gewassen.  Uit deze studie bleek dat de Belgische suikerbiettelers op deze vijf jaar tijd ongeveer € 15 miljoen misgelopen zijn door niet te kiezen voor transgene suikerbieten en dat men op wereldvlak zelfs € 1 miljard had kunnen winnen door deze suikerbieten te telen.  Uiteraard onderzochten Demont en Tollens ook de mogelijke nadelen van de teelt van deze GGGs, uit de studie bleken de verwachte nadelen kleiner te zijn dan de berekende voordelen. 

Voor de studie van de genetisch gewijzigde maïs in Spanje baseerden de onderzoekers zich op gekende feiten.  De teelt van de maïs die opgewassen is tegen een bepaald soort insect (de stengelboorder) valt gunstig uit voor de Spaanse landbouwers.  Samengeteld over de 25 000 ha teeltoppervlakte, winnen ze jaarlijks € 1,7 miljoen.  Hun winst is te danken aan een rendementsverhoging en een lagere kost door een verminderd pesticidengebruik.  Ook de biotechindustrie strijkt jaarlijks een winst van € 0,5 miljoen op.  Voor deze toepassing gaat dus 75% van de winst naar de boeren en 25% naar de biotechindustrie.

Demont en Tollens voerden deze studie uit als deel van het maatschappelijk onderzoeksprogramma van VIB.  In het kader van de eerste beheersovereenkomst met de Vlaamse overheid kreeg VIB een groot maatschappelijk onderzoeksprogramma als opdracht met als doel relevante maatschappelijke vragen te onderzoeken op terreinen die in de toekomst steeds belangrijker zouden worden.  De 7 geselecteerde projecten liepen voor 2 tot 4 jaar en startten allemaal in de loop van 1999.  Dit luik is niet behouden in de tweede beheersovereenkomst van VIB, maar er vloeien nog wel rapporten uit deze projecten.