Voorbeelden van biotechnologie in industrie

Biotechnologische enzymen worden, naast de toepassingen in de voedingsindustrie, vaak gebruikt in industriële processen voor het aanmaken van alledaagse producten. Enkele voorbeelden:
 

Enzymen verhogen de efficiëntie van waspoeders

Waspoeders vormen een combinatie van zeep en enzymen. Zeep kapselt de losgeweekte vuildeeltjes in die vervolgens samen met de zeep wegspoelen. Hoe hoger de temperatuur, des te efficiënter het proces. Bepaalde vlekken, bijvoorbeeld van chocolade of gras, zijn echter niet zomaar uit kleren weg te spoelen, omdat ze zich erg hard vasthechten aan textiel.
 
Om de werking van waspoeders te verbeteren voegt men al tientallen jaren specifieke enzymen toe. Die breken het vuil af waardoor de restanten weggespoeld kunnen worden zonder dat inkapseling nodig is. De afbraakenzymen van dienst zijn proteasen en lipasen. Proteasen breken eiwitten af. Lipasen breken oliën en vetten af. Sommige waspoeders bevatten ook amylasen en cellulasen om zetmeel en cellulose af te breken. Zo krijg je vandaag zelfs de meest hardnekkige vlekken uit je wasgoed, ook die van gras en chocolade!
 
Het wasgoed is proper in een kortere wastijd, want enzymen werken heel snel. Eén enzym kan zorgen voor 1 tot 10 000 omzettingen per seconde.
Het waswater moet minder warm zijn, waardoor minder energie nodig is.
Er is minder zeep en water nodig, omdat de enzymen een deel van de functie van zeep overnemen.
 
Eén derde van de wereldomzet aan industrieel geproduceerde enzymen zit in wasproducten. Het gros wordt aangemaakt door GGO’s. Vooral in Europa is de vraag naar enzymen in waspoeders groot, omdat men bij een zo laag mogelijke temperatuur wil wassen.
 

Kleurbeschermend waspoeder door biotechenzymen

Wasproducten bevatten soms ook andere enzymen. De kleding die je draagt krijgt na verloop van tijd namelijk een fletse kleur door de wrijving van de stof tegen je lichaam. Stoffen bevatten voornamelijk cellulosevezels. Bij wrijving ontstaan er kleine ongekleurde cellulosevezeltjes die naar buiten uitsteken. Deze kleine vezeltjes komen in de weg van de oorspronkelijke kleur te zitten en geven zo de kleding een afgedragen uitzicht. In sommige waspoeders zit een specifiek cellulase dat deze kleine cellulosevezeltjes afbreekt. Het resultaat: opgefleurde kleuren!
 

Behandeling voor zachte (of afgedragen) jeansbroeken

Quasi elke jeansbroek krijgt een behandeling met enzymen. Die zorgt ervoor dat de jeansstof zacht aanvoelt. Onbehandelde jeans is ruw, en erg onaangenaam om dragen. Ook de afgedragen ‘stone wash’-look van jeansbroeken wordt bekomen met enzymen. Vroeger gebeurde dat letterlijk door de broeken te rond te zwieren in een lading stenen -- een energieverslindend proces.
 
Jeans is 100% katoen en katoen bestaat uit cellulose. De cellulozevezels in katoen zijn op een complexe manier vertakt. De blauwe kleurstof zit op die vertakkingen gebonden. Een combinatie van bepaalde cellulase-enzymen kan de vertakkingen lichtjes afbreken, waardoor de jeans gaat ontkleuren. Zo komt de blauwe kleur vrij zonder beschadiging van de stof. Door het gebruik van verschillende cellulasemengsels krijgt men allerlei kleurschakeringen in jeans, die door de behandeling trouwens ook aan soepelheid wint.
 

Chloorvrij gebleekt papier

Papier bestaat in alle kleuren, maar de meest voorkomende blijft wit. Houtpulp, de grondstof van papier, bevat een stof die een bruine kleur veroorzaakt: lignine. Ongebleekt papier ziet er dus wat bruiner uit. Lignine kon men vroeger enkel met behulp van milieuonvriendelijke, chemische middelen zoals chloor of chloordioxide verwijderen. Ondertussen wordt meer en meer op chloorvrije middelen zoals peroxide overgestapt. Helaas zijn die minder efficiënt.
 
Relatief nieuw is het gebruik van enzymen, meer bepaald van laccases, enzymen uit houtzwammen. Hun werking in de natuur is duidelijk zichtbaar: de boomstammen waarop houtzwammen groeien, rotten weg en verbleken. Voor de industriële toepassing gebruikt men door GGO’s geproduceerde laccases.
 

Lensvloeistof voor het onderhoud van contactlenzen

Dragers van contactlenzen weten het maar al te goed: lenzen hebben ‘s avonds een badje nodig. Ze staan overdag immers bloot aan heel wat vuil dat het zicht kan belemmeren of ooginfecties kan veroorzaken. Een regelmatige schoonmaakbeurt is dus van wezenlijk belang.
 
Ook hier staan enzymen in voor de afbraak van de vuilresten. In lensvloeistof vinden we vaak papaïne, pancreatine en subtiline. Dit zijn enzymen of een combinatie van verschillende enzymen. De afbraakproducten worden makkelijk in de vloeistof opgelost, waardoor lenzen bij het krieken van de dag weer gebruiksklaar zijn. 
 

Leerlooien

Leerlooien was vroeger een stinkende aangelegenheid omdat men uitwerpselen gebruikte om het leer van alle vet en weefselresten te ontdoen (looien). Die uitwerpselen zaten vol met bacteriën en het waren de enzymen uit die bacteriën die het werk deden. Vandaag produceert men de enzymen op industriële schaal en past men enkel de enyzmen toe voor het looien. 

 

 Educatief

 
 

 Nieuws