DNA kopiëren

Om ervoor te zorgen dat in elke cel van een organisme hetzelfde genetisch materiaal aanwezig is, moet het DNA net voor elke celdeling worden gekopieerd.
 

Het kopiëren in de praktijk

DNA is opgebouwd als een dubbele helix: 2 strengen die rond elkaar zijn gewonden. Bij de verdubbeling van DNA gaan de twee strengen uit elkaar. Elke streng wordt gekopieerd door speciale eiwitten die een keurig duplicaat van de code maken, met exact dezelfde opeenvolging van bouwstenen. Vervolgens winden de oorspronkelijke streng en de kopie zich om elkaar en vormen ze samen een nieuwe dubbele helix. De cel heeft nu dus twee dubbele helixen en is klaar voor deling. De twee dochtercellen krijgen elk één dubbele helix. Het proces wordt ook DNA-replicatie genoemd.